
Een wind- en regensensor beschermt je screens, rolluiken of markiezen tegen harde wind en hevige regen. Maar hoe stel je die sensor nu precies goed in? Te gevoelig betekent dat je zonwering al bij een licht briesje of een paar druppels naar binnen gaat, wat onnodig is. Te ongevoelig en je kans op schade is groot. In dit artikel geven we je duidelijk advies over de beste instellingen.
De ideale gevoeligheid hangt af van het type zonwering, de locatie van je huis en het plaatselijke klimaat. Toch zijn er algemene richtlijnen die je kunt volgen. We leggen uit wat windkracht en regenintensiteit betekenen, welke waarden je kunt aanhouden en hoe je de sensor het beste kunt testen.
Windgevoeligheid: wat is veilig?
De drempelwaarde bepaalt wanneer de zonwering automatisch intrekt. Een te laag ingestelde drempel zorgt dat het doek al beweegt bij een lichte windvlaag, waardoor de zonwering onnodig op en neer gaat en de mechaniek sneller slijt. Een te hoge drempel betekent dat de windkracht eerst flink moet oplopen voordat de sensor reageert; tegen die tijd kunnen doek en armaturen al overbelast raken. De veilige grens hangt af van de grootte van het doek, de windgevoeligheid van de zonwering en de montagehoogte. Een groot vrijstaand doek vangt meer wind dan een klein uitvalscherm en moet dus eerder beschermen.
Stel de winddrempel daarom af op het moment waarop het doek gaat golven of flapperen, nog voordat de constructie druk voelt. Veel sensoren hebben een windvertraging: kortdurende pieken worden dan genegeerd, zodat de zonwering niet reageert op een plotselinge rukwind. Als je merkt dat de zonwering bij matige wind staat te trillen, verlaag je de drempel. Blijft het doek strak staan maar beweegt de arm mee, dan is de winddrempel te ruim afgesteld. Controleer bij een windvlaag altijd of de beweging van het doek rustig blijft en of de sensor de zonwering tijdig laat intrekken.
Regengevoeligheid: wanneer moet de sensor reageren?
De regensensor meet vocht op het doek of in een opvangbakje. Het belangrijkste is dat hij pas reageert als het doek daadwerkelijk nat wordt, niet bij een enkele spetter of bij ochtenddauw. Wanneer de sensor te vroeg intrekt, blijft de zonwering soms dicht terwijl de bui nauwelijks valt. Wanneer hij te laat reageert, krijgt het weefsel veel water te verwerken. De juiste instelling hangt af van hoe snel het doek droogt en van de ligging van de sensor. Bij een licht verwaaid buitje kan het doek al nat worden, terwijl een felle regenbui op een windstille dag alleen de bovenkant raakt.
Stel de drempel zo af dat een korte motregen het doek niet laat intrekken, maar een aanhoudende bui wel. Gebruik daarvoor de regenvertraging: een periode van enkele seconden of minuten waarin de sensor moet blijven meten voordat de zonwering beweegt. Controleer of de sensor op een plek zit waar regen vrij kan vallen, zonder obstructie van dakranden of klimop. Test de reactie door het sensoroppervlak met een plantenspuit te bevochtigen en door een paar druppels op het midden van het doek te simuleren. Zo weet je of het doek pas beschermd wordt op het moment dat het anders zou doorslaan.
Praktische insteltips en testprocedure
Begin altijd met het instellen van de winddrempel voordat je de regensensor afstelt, omdat wind de grootste schade kan veroorzaken. Zet de zonwering eerst handmatig uit, draai de winddrempel naar de laagste stand en kies een rustige dag. Laat de zonwering vervolgens volautomatisch draaien en wacht op een windvlaag. Als de sensor te vroeg reageert, draai je de drempel een kleine stap omhoog; reageert hij niet of trilt het doek al, dan draai je hem een stap terug. Herhaal dit totdat het doek bij een stevige bries rustig blijft en pas beweegt bij een windstoot die het doek echt laat golven.
Voor de regensensor gebruik je een plantenspuit of tuinslang. Spuit eerst een fijne nevel op de sensor en kijk of de zonwering niet direct intrekt. Spuit daarna met een volle straal tot er water over het sensoroppervlak loopt; de zonwering moet nu binnen de ingestelde vertragingstijd intrekken. Laat het doek drogen en test daarna of hij automatisch weer uitrijdt als de sensor weer droog is, mits je zonwering die functie heeft. Bij twijfel kies je een iets veiligere instelling, want een zonwering die iets vaker intrekt is beter dan een doek dat beschadigd raakt. Noteer de uiteindelijke standen zodat je bij een volgende controle weet of er iets is verschoven.
In het kort
- Start met een winddrempel van windkracht 5 voor doeken en screens; voor rolluiken mag het iets hoger.
- Kies een regenintensiteit van 0,2-0,3 mm/min voor doeken; 0,5 mm/min voor rolluiken.
- Houd rekening met windstoten: stel de sensor iets lager in dan de maximale windkracht die jouw zonwering aankan.
- Combineer wind en regen: laat wind de boventoon voeren bij gemengd slecht weer.
- Test de sensor handmatig door water te sproeien en te wapperen langs de windmeter.
- Plaats de sensor op een vrije plek, niet beschut door muren of dakgoten.
- Controleer jaarlijks de instellingen en vervang de batterijen indien nodig.
Veelgestelde vragen
Wat is de beste windkracht om een screen binnen te halen?
Voor screens is windkracht 5 (29-38 km/u) de veilige grens. Bij windkracht 6 is het risico op schade al aanzienlijk. Stel de sensor dus in op windkracht 5 of lager, afhankelijk van de kwaliteit van het doek.
Hoe stel ik de regensensor zo in dat hij niet te snel reageert?
Kies een regenintensiteit van 0,3 tot 0,5 millimeter per minuut. Bij motregen (0,1 mm/min) is het niet nodig om de zonwering binnen te halen. Test de reactie door met een tuinslang kort te sproeien en de tijd te meten.
Kan ik de sensor zelf instellen of moet ik een specialist bellen?
Veel sensoren kun je zelf instellen via een knop, draaischijf of app. Raadpleeg de handleiding. Als je twijfelt of het lastig vindt, kun je een specialist vragen; dat kost vaak tussen de 50 en 100 euro.
Wat moet ik doen als de sensor niet reageert?
Controleer eerst of de sensor stroom heeft en of de verbinding met de motor werkt. Maak de sensor schoon, want vuil kan de meting verstoren. Test daarna met water of door te wapperen. Als het nog niet werkt, vervang dan de batterijen of neem contact op met de fabrikant.
Conclusie
Het instellen van je wind- en regensensor is niet moeilijk als je de juiste waarden kent. Voor de meeste zonweringen is windkracht 5 tot 6 en een regenintensiteit van 0,2 tot 0,5 millimeter per minuut een goede basis. Test je instellingen en pas ze aan op basis van jouw situatie. Zo bescherm je je investering en geniet je langer van je zonwering.
Zonwering laten plaatsen?
Vergelijk rustig en vraag vrijblijvend offertes aan via SchaduwScout.
Vraag zonweringoffertes aan →Verder lezen over kosten en prijzen
Lees ook: Wind- of regensensor: wat heb jij nodig? · Sensorset kopen: waar let je op? · Wind- of regensensor: welke past bij jouw situatie? · Beste wind- en regensensoren voor screens · Sensors voor rolluiken: welke voldoen? · Markiezen automatisch intrekken: sensoropties — meer over wind- en regensensoren
SchaduwScout is een onafhankelijke gids en verkoopt zelf niets. Prijzen zijn indicaties.
Alle rubrieken
Meer uit de kennisbank
- Energiebesparing rolluiken: cijfers & feiten
- Zonwering vergunning: proces & kosten
- Ideale overlap bij maatwerk zonwering
- Zonwering voor serre met plat dak: andere oplossingen
- Zonwering kiezen? Check eerst jouw windzone
- Muurbeugels of dakbevestiging voor markiezen?
- Online vs showroom: wat kost zonwering?
- Garantieclaim indienen: stappenplan bij defect
- Prijsverschillen zonweringsmerken: waar komt het vandaan?
- Vlekken op markiesdoek voorbehandelen: zo doe je dat
- Geluidsisolatie rolluiken vs screens: vergelijking
- Rolluik latten scheef? Zo zet je ze zelf recht